Posts Tagged ‘orgaanhandel’

De Nierenmarkt: Tekorten als gevolg van Overheidsrestricities

donderdag, februari 23rd, 2012

Dinsdagavond was er de eerste Europese webinar van European Students of Liberty. Economisch academicus en president van het CEVRA instituut Joseph Šíma behandelde de effecten van restricties in de economie. Dit is zijn betoog:

Vandaag de dag is de economie voor zo’n 50% in handen van de overheid, en daardoor sterk gepolitiseerd. Gevolgen hiervan zijn prijzen die niet overeenkomen met de natuurlijke handelswaarde van producten, en mogelijkheden voor personen om geld te verdienen dat aan anderen toebehoort. Veel vredige handelingen zijn ook verboden.  De gevolgen zijn altijd een ‘planned chaos’ – soms onbedoeld, soms bedoeld.

Een voorbeeld van een dergelijke chaos is de situatie in de nierenmarkt. Nieren verkopen is verboden in de meeste landen, wat betekent dat de prijs wordt vastgezet op 0. Vanzelfsprekend zal aanbod hierdoor laag zijn, want waarom zou men iets weggeven (via een operatie) voor niks? Enkel mensen die iemand kennen die er een nier nodig heeft, en
bepaalde overleden mensen  zullen voor deze prijs een nier afstaan. De vraag zal juist stijgen, want iets dat men gratis kan krijgen is natuurlijk altijd mooi, en zeker als het gaat om een essentieel orgaan om door te kunnen leven.

Deze twee feiten monden uit in tekorten, en dus een enorme wachtlijst. In de VS alleen al, telt deze 80.000 personen. Doordat het hebben van één nier zo belangrijk is, zijn er ook veel mensen waarvoor het orgaan ‘te laat komt’; in de VS is dit voor 7000 personen per jaar het geval.

Het vrijgeven van de prijs voor een nier, zou betekenen dat veel van deze mensen niet lang hoefden te wachten voor een nier, en ook zouden velen in leven kunnen blijven. Dit aangezien een niet-gerestricteerde markt een evenwicht zal vinden tussen vraag en aanbod. De prijs voor een nier zou, zo blijkt uit onderzoek, zo’n $2000,-  bedragen.[1]

Opponenten van vrije handel in organen opperen nog wel eens dat criminaliteit sterk zal groeien als de handel wordt vrijgegeven. De vraag is echter waarom? Op de zwarte markt kost een nier velen malen meer dan 2000 dollar, en het stellen van een nier zal dus veel minder op leveren in een vrije markt. Het ligt dus in de lijn der verwachtingen dat nieren-diefstal eerder zal afnemen dan toenemen.

Een tweede veelgehoord argument is het oneerlijkheids-arguments. Arme mensen zullen veel vaker een nier verkopen dan rijke mensen. Alhoewel het laatste zeker waar is, volgt daaruit het eerste nog niet. In een vrije markt zullen beide partijen die betrokken zijn in de nier-transplantatie erop vooruitgaan. De koper, vermoedelijk vaker een rijkere persoon, zal veel sneller een transplantatie krijgen, en zodoende medische problemen of complicaties, of zelfs de dood kunnen voorkomen. De verkoper, naar alle waarschijnlijkheid de armere persoon, zal geld hebben om bijvoorbeeld zijn/haar kinderen naar school te kunnen sturen. Belangrijk hierbij is te realiseren dat veel aardbewoner $1 of minder per dag verdienen; opeens voor 2000 dollar betaald krijgen voor een nier, die te missen is, zal veel mogelijkheden creëren voor deze mensen om hun kansen om boven de armoede grens te blijven verbeteren. Nierhandel kan dus voor beide partijen van zeer grote waarde zijn, terwijl een verbod hierop voor beide partijen grote negatieve gevolgen heeft – welk van de twee is er oneerlijk?

Een derde praktisch argument voor legalisering van nierenhandel, is het feit dat handel alsnog plaatsvindt op de zwarte markt. Op de zwarte markt is de kwaliteit van producten altijd lager, terwijl de prijs hoger is. In de tijd van de grote drooglegging stierven legio mensen na het drinken van producten die waren afgeprijsd als alcohol, maar dat niet waren.

Verder kunnen zij die de regels controleren, en zij die daar onderdoor proberen te komen vaak (voor de regelgevers)  onverwachte allianties aangaan, m.a.w. corruptie heeft vaak vrijspel. Dit is niet goed voor het aanzien van de politiek en de politie, en werkt in tegen het doel van regelgeving, namelijk het verbieden van de handel.

Al deze aspecten van de nierenhandel laten de ‘planned chaos’ zien, als gevolg van restricties in de werking van het prijsmechanisme. Mensen moeten wachten op hun nier, overlijden tijdens dit wachten, terwijl anderen juist blijven zitten met niet-geëconomiseerde nieren; er is meer criminaliteit, meer corruptie, en op de zwarte markt worden mensen voor hoge prijzen opgezadeld met lage kwaliteit nieren.

Šíma concludeerde dat , ervan uitgaande dat deze restricties met goede bedoelingen zijn ingesteld, men deze zal moeten heroverwegen, gebaseerd op de geziene en ongeziene effecten op mensen. Goede bedoelingen zijn geen rede om slechte beleidsmaatregelen te rechtvaardigen.



[1] Uit: U.S. Organ Procurement System, van economen  David Kaserman and A. H. Barnett, p. 112-120. Šíma noemde andere getallen, die ik echter niet kon verifiëren.

Orgaanhandel: een oplossing voor het organentekort?

zaterdag, november 26th, 2011

Zie ook: Baas in eigen buik.

Legaliseer orgaanhandel

maandag, oktober 24th, 2011

Terwijl er jaarlijks 200 mensen voortijdig sterven door het gebrek aan een orgaan blijft het publieke debat in een marginale invalshoek dat geen echte oplossingen biedt. Daarom is het broodnodig om de oorzaken van het organentekort te herzien en een echte oplossing te bieden.

Probleemstelling

De reden waarom Nederland een organentekort kent heeft meerdere kanten. Zo is het aantal patiënten met nierfalen de afgelopen twintig jaar verdubbeld door de toename aan diabetes patiënten. Ook de vraag naar donorlevers neemt toe omdat steeds meer mensen besmet raken met hepatitis, een virus dat de lever aantast.

Daarnaast blijft het aanbod aan organen achter. Terwijl er 3,1 miljoen mensen op een donorlijst staan en 2,4 miljoen mensen deze keus aan hun familie overlaten blijven er jaarlijks 1400 mensen op een wachtlijst voor een orgaan. De kans dat de organen van deze enorme groep donoren daadwerkelijk beschikbaar komt is erg klein. Dit komt omdat organen lucht nodig hebben willen ze geschikt zijn voor transplantatie. Pas wanneer iemand hersendood sterft of levend organen doneert kunnen deze geschikt zijn voor transplantatie. Het aantal hersendode donoren neemt echter af door o.a. verbeterde verkeersveiligheid.

Juist omdat het vrijwel zinloos is om nóg meer mensen te werven voor een donorlijst is het nodig om te kijken naar een nieuwe oplossing om het organentekort te verminderen. Deze oplossing ligt bij het aantrekken van meer levende donoren door middel van een financiële compensatie. Juist door een financiële prikkel zullen meer mensen bereid zijn om een orgaan te verkopen.

Bezwaren

Dit voorstel stuit natuurlijk op een aantal bezwaren. Zo zou het immoreel zijn om geld te vragen voor organen die levens kunnen redden. Men moet een orgaan afstaan uit solidariteit en niet uit winstbejag.
Wanneer dit bezwaar legitiem is dan zou dit ook voor dokters moeten gelden. Ook dokters leveren diensten die levens redden en vragen daar geld voor. Toch pleiten er weinig mensen om dokters te dwingen hun diensten gratis te leveren. Hetzelfde zou moeten gelden voor de verkoop van een orgaan.

Een ander bezwaar is dat orgaanhandel zou leiden tot uitbuiting van mensen die geld nodig hebben en die niet zouden doneren als ze er geen geld voor zouden krijgen.
Toch zou dit principe net zo goed kunnen opgaan voor iedereen met een baan. Weinig mensen zouden willen werken zonder hier loon voor te krijgen. Moeten we daarom, met het oog op deze verkapte vorm van dwang, alle lonen afschaffen? Waarom zou iemand wel mogen werken voor een loon maar niet vrij zijn om een eigen orgaan te verkopen?

De standaard repliek hierop is dat de verkoop van een orgaan risico’s met zich meebrengt. Zo is er een kans van 0.03% om te overlijden tijdens de operatie, dit is evenveel als iedere andere operatie onder gehele narcose. Daarnaast is er nog een kans van 0.02% dat de donor later in zijn leven een complicatie krijgt aan zijn enig functionerende nier. Hierbij moet wel gezegd worden dat dit vaak op latere leeftijd voorkomt en dat zulke complicaties vrijwel altijd het functioneren van beide nieren aantasten. Donoren die later complicaties krijgen aan hun enig werkende nier zouden waarschijnlijk hoe dan ook op een bepaald moment een transplantatie nodig hebben.
Natuurlijk blijven deze risico’s bestaan of een donor geld krijgt of niet. Het argument dat het risico te groot is zou daarom ook moeten gelden voor onbetaalde donoren.

Conclusie

Met het huidige beleid reguleert de overheid ieder jaar 200 mensen onnodig de dood in. Ook ontneemt de overheid mensen de optie om hun financiële positie te verbeteren door een orgaan te verkopen. Juist het wegnemen van de optie om een orgaan te verkopen is een vorm van dwang, niet de verkoop ervan. Daarnaast spelen liberale principes een belangrijke rol: Want wie bezit jouw lichaam nu eigenlijk? Jijzelf of de overheid?

Bronnen:
Fijter, H & Kranenburg, L. (2008) Donatie bij leven. Den Haag: Biowetenschappen en maatschappij.
Coppen, R., Marquet, R.L. & Friele, R.D. (2003) Het donorpotentieel. Utrecht: Nivel.
Rubens, Kristof (2008) Liberalisering van de orgaanmarkt, Universiteit Hasselt. p. 27 & 28

Bovenstaande artikel is eerder verschenen in de Driemaster (JOVD), jaargang 63 nummer 4.

Gulle gever of hebberige wolf?

zaterdag, september 10th, 2011

Bovenstaand is de titel van een Quest artikel uit hun Psychologie serie (nr. 3 – 2011), geschreven door Paul Serail. Het artikel begint met het signaleren dat sommigen mensen hopen om hun geldnood weg te werken door een orgaan te verkopen. Vervolgens hakt Serail flink in op de argumenten voor de legalisering van orgaanhandel waardoor het artikel meer op een vurig betoog lijkt dan op een objectief wetenschappelijk artikel.

Tijd op de schade te beperken dus.

‘De mensen die bereid zijn om hun lichaamsdelen te verkopen, zullen niet allemaal evenveel vragen. Iemand die snel geld nodig heeft, zal met een lager bedrag tevreden zijn. Een miljonair die zwemt in de centen hoeft in elk geval vanuit geldgebrek nooit de overweging te maken om een orgaan te verkopen.
Rijke mensen zullen eerder de kopers zijn want zij kunnen de hoge bedragen betalen. Arme mensen zullen eerder hun gezondheid riskeren en een orgaan verkopen. (…) Het lijkt dan alsof het lichaam van iemand met weinig geld minder waard is dan dat van een rijke. Er ontstaat dan een kloof tussen rijk en arm. En dat is een reden om in Nederland geen orgaanhandel te willen.’

Een kloof tussen rijk en arm? Ik dacht dat het geld van rijke kopers juist naar arme donoren ging, wat die kloof juist zou moeten dichten.
Daarnaast stelt Serail dat het lichaam van een arm persoon minder waard lijkt dan dat van een rijk persoon. Dit is echt het meest misleidende argument dat ik ooit gehoord heb, want wie bepaalt hoeveel een orgaan waard is? Juist, de donor.

Een arm persoon zal wellicht meer waarde hechten aan €50.000,- op zijn bankrekening dan het risico dat hij loopt bij donatie.
Een vrijwillige koop van een orgaan is daarmee een win-win situatie voor zowel koper als donor. Zo hecht de koper meer waarde aan zijn gezondheid dan aan het geld dat hij kwijt is terwijl de donor meer waarde hecht aan het geld dat hij ontvangt dan het gezondheidsrisico dat hij loopt.

Nog steeds niet helemaal overtuigd? Probeer de zaak om te draaien. Stel dat een rijk persoon zijn orgaan gratis doneert aan een familielid. Is het orgaan van die rijke persoon nu minder waard dan de organen van iemand met minder geld?

Het artikel gaat verder door een blik te werpen op de zwarte markt voor organen in Pakistan.

‘In Pakistan bijvoorbeeld, waar arme, jonge volwassenen het orgaan al voor een paar duizend euro afstaan. Zij blij, wij blij? Nee. Elk land heeft een tekort aan nieren. Dat betekent dat Pakistaanse nierpatiënten geen schijn van kans maken op een nieuwe nier. Want een mogelijke donor met geldnood zal het orgaan liever verkopen aan een buitenlander die meer biedt.’

Vrijwel elk land heeft een tekort aan nieren. Er is echter één uitzondering en dat is Iran. Dit komt omdat Iran het enige land is in de wereld met een vergoedingssysteem bij orgaandonatie.
Daarnaast verschilt het organentekort wel degelijk per land door factoren zoals het aantal verkeersdoden en de eet- en drinkgewoontes van de bevolking.

Serail klaagt dat Pakistaanse nierpatiënten geen schijn van kans maken om een orgaan te ontvangen. Dit hoeft echter niet waar te zijn. Zo zouden Pakistanen zich kunnen inschrijven bij een donorregistratiesysteem waarbij ze na hun dood hun organen doneren aan de armste Pakistanen. In het Nederlandse geval zou hetzelfde op kunnen gaan. Bij de meeste mensen zal de zorgverzekering een orgaan vergoeden terwijl het donorregistratiesysteem de armsten opvangt.
Bovendien is het niet aan ons om te bepalen aan wie een Pakistaan zijn organen doneert. Die keus ligt bij de Pakistaan zelf aangezien het zijn organen zijn.

Vervolgens stelt Serail …

‘Een transplantatie in een ontwikkelingsland brengt nog een ander bezwaar mee. In armere landen is vaak een tekort aan artsen. En in de tijd die doktoren aan rijke buitenlanders besteden, kunnen ze geen lokale mensen genezen.’

Je zou ook kunnen redeneren dat Pakistaanse donoren, door alleen het hoogste bod te accepteren, veel geld verdienen waardoor Pakistan als land rijker wordt. Hierdoor kunnen er meer mensen opgeleid worden als dokter en door de stijgende welvaart zullen steeds meer mensen de middelen hebben om van deze diensten gebruik te maken.

Uiteindelijk komt Serail bij het zelfbeschikkingsrecht. ‘Tegen deze problemen kun je inbrengen dat je zelf mag beslissen wat je met je lijf doet en wat niet.’ Om hier vervolgens keihard in te hakken door een onderzoek aan te halen van uroloog Javad Zargooshi. Zo volgde Zargooshi drie jaar lang 300 donoren. Van hen kreeg 85% spijt en kampte 60% met klachten. ‘Daardoor kregen veel donoren problemen op hun werk. In ruil voor eenmalige bak geld raakten zij uiteindelijk hun vaste inkomstenbron kwijt.’

De reden waarom ik geen link van het onderzoek geef is omdat het niet openbaar is! Je moet $25,- betalen om één dag toegang te krijgen tot het onderzoek. Ik kan daarom alleen zeggen dat de risico’s die betaalde donoren hebben niet groter zijn dan de risico’s van onbetaalde donoren. Iemand die pleit tegen de legalisering van orgaanhandel omdat de risico’s te groot zijn zou dan ook moeten pleiten voor de afschaffing van samaritaanse donatie, een besluit dat nog veel meer mensen de dood in reguleerd. (Bovendien denk ik dat de klachten die 60% van de donoren ervaart niet te relateren zijn aan hun orgaandonatie. Zo ligt dit cijfer waarschijnlijk eerder bij 0.01% dan 60%)

Als slot stelt Serail …

‘Betaal je voor organen, dan stoot je de mensen die vrijwillig een orgaan afstaan voor het hoofd. De echte helden, die inzien dat een ander ook veel waarde hecht aan een gezond lichaam, laat je dan in de kou staan.’

Betaal je voor een dokter, dan stoot je de dokters die voor niets werken voor het hoofd. De echte helden, de dokters die inzien dat een ander ook veel waarde hecht aan een gezond lichaam, laat je dan in de kou staan.

Bron: Elsevier Psychologie (nr. 3 – 2011)

Zie ook ‘Liberalisering van de orgaanmarkt’ van Kristof Rubens en ‘Baas over eigen buik’ van Bart Croughs.

Baas over eigen organen

woensdag, augustus 24th, 2011

Nu pleit ook NRC collumnist Marcel Zuijderland (filosoof en publicist) voor de legalisering van orgaanhandel.

Zoals het nu gaat worden mensen op de wachtlijst door het verbod op de verkoop van organen het
graf in gereguleerd, en de armen arm gehouden. Ik kan daar onmogelijk respect voor menselijke
waardigheid in ontdekken.

Bron: Zuijd.nl
H/t: De Dagelijkse Standaard

Baby te koop, baarmoeder te huur

vrijdag, maart 11th, 2011

Sophie Hilbrand gaat in de documentaire ‘Baby te koop’ op zoek naar mensen die kinderen proberen te krijgen op onconventionele manieren. Centraal in de documentaire staat het fenomeen ‘draagmoederschap’. Een draagmoeder is een vrouw die een kind voor een ander draagt. Vaak zou de vrouw voor wie dat kind gedragen wordt zelf eicellen kunnen afstaan of dat haar man/vriend sperma gaat doneren om een eicel te bevruchten.

Punt is dat je zo nog iets van je ‘eigen’ hebt wanneer een vrouw zelf geen kinderen kan krijgen. Wat ik echter wel frappant vind is als mensen zowel andermans sperma als eicellen bij elkaar ‘shoppen’ om dat vervolgens in een draagmoeder te stoppen. Waarom adopteren die mensen niet gewoon een kind?

In ieder geval. Hier is de link van de BNN documentaire ‘Baby te koop’.

”We moeten erkennen dat er een markt is voor lichaamsmateriaal”

vrijdag, maart 4th, 2011

Volgens onderzoekers van het Rathenau Instituut is het hoog tijd om na te denken over manieren om voor gedoneerd lichaamsmateriaal te betalen. Om deze reden is het boek ‘Nier te koop – Baarmoeder te huur’ uitgegeven. Aan de hand van interviews en praktijkvoorbeelden onderzoekt dit boek de markt voor lichaamsmateriaal en stelt de onvermijdelijke vraag hoe houdbaar ons huidige donorstelsel nog is.

We moeten nadenken over manieren om voor gedoneerd lichaamsmateriaal te betalen. Terwijl in het buitenland van alles te koop is, is bij ons doneren onbetaald. Het is tijd om ons af te vragen of ons donorsysteem aan revisie toe is.

Bron: Spits

Het organentekort

maandag, januari 17th, 2011

Veronderstel dat de overheid besloot dat auto’s vanaf nu alleen voor €0,- mochten worden ‘verkocht’. Hoeveel auto’s zouden er dan geproduceerd worden? Het antwoord: bar weinig.

Zo ook met het organentekort. Onze overheid heeft ooit besloten dat mensen hun eigen organen niet mogen verkopen. Hierdoor is de feitelijke marktprijs van een orgaan dus gezet op €0,- wat op haar beurt heeft gezorgd voor tekorten. Om het tekort op te lossen is er dus een vrij prijssysteem nodig voor organen.

Toch worden de pleitbezorgers van orgaanhandel onmiddellijk gewezen op de morele bezwaren.

‘Arme mensen zullen door de armoede gedwongen worden om hun orgaan te verkopen met alle complicaties van dien. Winstbejag en niet liefdadigheid zullen heersen.’

Hierin staan dus eigenlijk drie argumenten die we nu afzonderlijk zullen behandelen. Namelijk;

- Het is verkeerd om geld te vragen voor organen die levens kunnen redden.
Kritiek: Ook dokters krijgen betaald voor het redden van levens. Moeten zij dan ook gedwongen worden om uit liefdadigheid te werken?

- Het is veel te gevaarlijk om orgaanhandel te legaliseren omdat het verkopen van organen complicaties met zich mee kan brengen.
Kritiek: Mensen zijn nu ook vrij om bij leven een orgaan te doneren. Moeten we dit nu ook verbieden met het oog op potentiele complicaties?

- De enige reden waarom mensen hun orgaan zullen verkopen is omdat ze er geld voor krijgen.
Kritiek: Waarom zouden mensen hun financiële positie niet mogen verbeteren?

Dit argument weegt echter het zwaarst en verdient daarom extra aandacht. Het valt namelijk niet te ontkennen dat het vooral de wat armere mensen zijn die de verkoop van een orgaan zien als een aantrekkelijke optie. Voor een rijk persoon zal de verkoop van een orgaan niet erg aantrekkelijk gezien de mogelijke consequenties. Om deze reden wordt het verkopen van een orgaan gezien als iets dat onder dwang gebeurt omdat de omstandigheden (armoede) daarna zijn.
Toch kan hetzelfde worden gezegd over een heleboel beroepen. Als iemand stinkend rijk is zal die niet zo snel fulltime willen werken als boekhouder of schoonmaker. Of moeten we met het oog op ‘dwang’ deze beroepen dan maar verbieden?

Zo kunnen we zien dat de bezwaren tegen orgaanhandel ongegrond zijn omdat (1) mensen nu al vrij zijn om hun organen te doneren met alle complicaties die dat kan meebrengen. (2) Er niets mis is met het redden van levens tegen betaling zoals ook dokters doen en (3) omdat het streven om je eigen positie te verbeteren een voorbeeld is van keuzevrijheid en niet van dwang.

Lees ook ‘Baas in eigen buik’ van Bart Croughs. Of wat andere blogs van MeerVrijheid over het organentekort en hoe ze dat in andere landen aanpakken.