Posts Tagged ‘Overheidsprogramma’s’

‘Regels zijn regels, kanker of geen kanker’

woensdag, maart 20th, 2013

“Ja mevrouw, ik zit hier als ambtenaar en niet als medemens.”

De Nederlandse overheid is ‘te ingewikkeld, te bureaucratisch en heeft te weinig inlevingsvermogen’. Dat concludeert de Nationale Ombudsman in zijn jaarverslag. Borstkankerpatiënte Angelique kan daarover meepraten. Toen ze haar diagnose kreeg is haar vriend vaker bij haar op bezoek geweest. De gemeente ging er echter vanuit dat haar vriend nu bij haar inwoonde en daarom is de uitkering van Angelique stopgezet.

Cancer-chemotherapy-001

“Ik wil niet profiteren van de gemeente, absoluut niet. En als wij samen willen wonen, dan gaan we gewoon samenwonen, dan gaan we daar geen geheim van maken. Maar dat willen we gewoon niet. Mijn vriend heeft een paar maanden geleden een huis gekocht in Zwolle, niet eens in Meppel. Dus waarom zou hij in mijn woning intrekken?”

Over drie weken worden beide borsten van Angelique geamputeerd. Dan volgen mogelijk bestralingen en chemo. In diezelfde maanden moet ze naar de bezwarencommissie van de gemeente, om het stoppen en terugvorderen van haar uitkering aan te vechten.

Bron: RTL

Geef de woningmarkt vrij

woensdag, februari 13th, 2013

Jurist en auteur Kim Tjoa over de noodzaak van een volledig vrije woningmarkt.

Waar centrale planning verdwijnt keert marktwerking, eigen verantwoordelijkheid, zelforganisatie en zelfregulering in de schoot van de samenleving terug. Dat is de werkelijke zege.

Een werkelijk vrije woningmarkt alstublieft

Wat de 22 ‘prominente’ economen in hun manifest over de hervorming van de Nederlandse woningmarkt werkelijk zeggen is “Overheid trek uw terug uit deze marktsector want u verstoort de boel alleen maar”. Wonen is een economische activiteit. Via inwerkingtreding van de Woningwet in 1902 en ruimtelijke ordeningswetgeving, is de woningmarkt door politici tot een gemonopoliseerde en centraal geplande staatsaangelegenheid gemaakt.

prijzendaling-huizenmarkt

De 22 economen gaan in hun aanbevelingen echter niet ver genoeg. Niet alleen de verhuisboete, maar ook de hypotheekrenteaftrek en de Nationale Hypotheekgarantie dienen volledig te verdwijnen. Hetzelfde geldt voor de subsidiestromen in de huursector en de kunstmatige fixatie van de huurprijzen. Iedere prijs, dus ook de prijs om een woning te huren, dient vrijelijk te kunnen bewegen naar gelang vraag en aanbod zich in de tijd ontwikkelen.

Lees de rest via deze link.

Eigen onderneming starten is een lastige onderneming

maandag, juni 11th, 2012

In ieder geval in Griekenland waar de heer Antonopoulos een webwinkel wilde beginnen dat zich specialiseerde in olijfolie.

”Het duurde 10 maanden, een enorme hoeveelheid papierwerk, ontelbaar veel vergunningen en urenlang praten met bureaucraten om de webwinkel te beginnen.”

Antonopoulos heeft urenlang plezier gehad bij de belastingdienst, de Griekse Kamer van Koophandel, de gemeente, de gezondheidsinspectie, de brandweer en de bank. Bij de gezondheidsinspectie moesten alle aandeelhouders van het bedrijf een röntgenfoto van hun borst maken en werd hun ontlasting onderzocht naar kwaaltjes.

Qua economische vrijheid scoren landen als Nigeria en Bosnië beter dan Griekenland. (Bron: Heritage Foundation)

Toen Antonopoulos de berg van gestoorde Griekse bureaucratie had bereikt kregen ze problemen met de bank. Deze verplichtte Antonopoulos om hun gehele website Griekstalig te maken, anders zouden ze het betalingsverkeer niet organiseren.

”Het interesseerde hen helemaal niets dat onze producten juist bedoeld waren voor buitenlandse afnemers. Daarom moest alles in het Engels geschreven worden.”

Uiteindelijk besloot hij om een buitenlands betalingssysteem te gebruiken zoals PayPal. Daarmee werd de gehele relatie met de bank verbroken, waarmee ze drie maanden in onderhandeling waren. ”Het is hun probleem. We hebben toen contact gezocht met een buitenlands betalingssysteem, dat hadden we binnen een dag geregeld.”

Ondertussen is de webwinkel al vijf maanden in operatie en heeft Antonopoulos orders gekregen vanuit Denemarken, Duitsland, Noorwegen, Mongolië en de VS. Ook heeft hij al zijn investeringskosten eruit en werkt hij aan een Duitse en Italiaanse versie van zijn site.

Bron: Ekathimerini

Het ESM – gokken voor gevorderden

dinsdag, juni 5th, 2012

Het idee achter de eerste leningen aan Griekenland was dat ze snel weer naar de financiële markt kon. Deze leningen zouden zorgen voor een overbruggingsperiode zodat Griekenland tijd had om haar begroting op orde te krijgen. De gevolgen weten we nu inmiddels: we pompen steeds meer geld in Zuid-Europese landen waarbij de kans dat we dit geld terugzien met de dag afneemt.

Gokken met belastinggeld.

Kim Winkelaar, kandidaat voor de Tweede Kamer voor de Libertarische Partij, heeft daarom een goed artikel geschreven over het ESM. Hierbij vergelijkt hij de noodsteun aan Zuid-Europese landen met een gokspel. Wat zijn de symptomen van gokverslaving? En hoe verhoudt dit zich met het ESM?

Een typisch symptoom van gokverslaving is dat de gokker de waarde van geld niet meer ziet. Hij ziet zijn stapel fiches, hij ziet niet de waarde in de reële wereld buiten het gokpaleis. Die stapel fiches zijn op dat moment zijn wereld, dat daar een maandsalaris of meer op tafel ligt komt in de hitte van het spel niet bij hem op.

Idem voor Jan-Kees de Jager. 40 miljard euro naar het ESM. Als je het snel zegt lijkt het niet veel en we praten erover alsof het zakgeld is. Maar wat is het nu echt? Gewoon in daadwerkelijke producten of diensten?

Er zijn in Nederland ongeveer 7,5 miljoen huishoudens. Een nieuwe Citroën C1 kost, exclusief belasting, zo’n 5000 Euro. Kortom: in plaats van meedoen aan het ESM zou ieder Nederlands huishouden een nieuwe zuinige auto voor de deur kunnen krijgen. Met een beetje onderhandelen kunnen die 7,5 miljoen auto’s dan nog wel bij Nedcar in Born geproduceerd worden ook. Of, als je het milieuvriendelijker wilt hebben, iedere Nederlander (in totaal zo’n 16,7 miljoen stuks) zou een gloednieuwe elektrische fiets kunnen krijgen. Rijklaar, voorzien van alle denkbare opties. En om ze op te laden een set zonnepanelen op het dak. Voor 40 miljard kun je een hoop doen.

Lees het volledige artikel door op deze link te klikken!

‘Subsidie voor Joop.nl is belachelijk’

zaterdag, mei 26th, 2012

Zoals het succesverhaal van DeJaap aantoont (…), zijn het niet de financiële middelen die een site succesvol maken. Het zijn de inzet, de passie, de tevredenheid en de nieuwe, vrijwel oneindige mogelijkheden die mensen aanzetten tot vrijwillig en enthousiast meewerken aan een website. Originele content en vooral authenticiteit doen de rest. Toont dit niet aan hoe belachelijk en overbodig subsidies voor een opiniewebsite als Joop.nl zijn?

Bron: Volkskrant

Publieke omroep, duur?

woensdag, maart 21st, 2012

Is de publieke omroep duur? Volgens de onderstaande video niet. Is het de taak van de overheid om te bepalen welke omroep subsidie krijgt en welke niet? Ik dacht het niet.

Nu stelt men in de video dat de publieke omroep brede steun onder de bevolking geniet. Dat mag dan waar zijn maar een opvallende stelling is het absoluut niet aangezien de publieke omroep een groot deel van haar tijd spendeert aan amusement, sport en nieuws. Dit zijn juist de zaken die ook door de commerciële omroepen uitgezonden worden. Wanneer de publieke omroep zich zou richten op zaken waar maar een klein deel van de bevolking naar kijkt zou men ook die brede steun verliezen.

Is de publieke omroep dan nodig om uitzendingen te maken over zaken waar bijna niemand interesse in heeft? Neem breien, weinig mensen zullen kijken naar een uitzending dat zich compleet richt op breiend Nederland. Commerciële omroepen zullen zoiets in ieder geval nooit uitzenden. Is dat dan een reden om een publieke omroep te hebben? Dat lijkt me niet want de lijst aan mogelijke onderwerpen, waar vrijwel niemand interesse in heeft, is onbeperkt. Waarom breien wel maar een cursus schilderen niet? En waarom zou je de ene omroep wel subsidiëren en de ander niet?

Zie ook: Hoe duur is de publieke omroep?

Een centraal geplande crisis

maandag, februari 27th, 2012

In ‘Ik, potlood’ beschrijft econoom Leonard Read hoe geen enkel persoon weet hoe je een potlood, een ogenschijnlijk simpel voorwerp, kunt maken. Zelfs de directeur van de potlodenfabriek heeft geen idee hoe een potlood geproduceerd kan worden. De directeur weet immers niet hoe je zink, koper en grafiet moet ontginnen, laat staan hoe de machines moeten worden geproduceerd om überhaupt bij deze grondstoffen te komen. Het is dankzij kapitalisme en de werkzaamheden van miljoenen mensen die allemaal een kleine bijdrage aan kennis en arbeid leveren dat wij een potlood kunnen aanschaffen.
Geen enkele centrale planner overziet of organiseert dit productieproces. Het is een systeem van vrije prijzen dat de signalen geeft die het hele productieproces tot stand doet komen. Een centraal geplande crisis

Een vrij prijssysteem is dus een zeer efficiëntie manier om goederen te produceren. Daarentegen heeft overheidsinterventie in dit systeem sterke negatieve consequenties. Zo prijst minimumloonwetgeving bijvoorbeeld mensen uit de markt en verminderen maximumprijzen het aanbod aan huurwoningen.

Rente
Echter, één van de belangrijkste prijzen in de economie wordt vaak vergeten door liberalen. Deze prijs is de rente, de prijs van geld over tijd. De rente is een indicatie in hoeverre mensen bereid zijn om te sparen in plaats van te consumeren. Door te sparen stellen mensen consumptie in het heden uit in ruil voor consumptie in de toekomst. Hierdoor komen er schaarse middelen vrij voor investeringen. Deze investeringen zullen uiteindelijk de consumptiegoederen produceren die mensen in de toekomst kopen. Rente wordt door de vrije markt bepaald door vraag en aanbod, net als ieder ander goed. Als mensen meer sparen komt er meer geld beschikbaar om uit te lenen en zal de rente dalen. Een dalende rente geeft dus aan dat er meer investeringen ondernomen kunnen worden.

Heel anders wordt het als de rente niet op de vrije markt tot stand komt, maar als dit wordt vastgesteld door een centrale bank. Voortbouwend op de theorieën van de klassiek-liberale, Oostenrijkse econoom Ludwig von Mises (1881 – 1973) kunnen we stellen dat het kunstmatig verlagen van de rente, door de centrale bank, kunstmatige investeringen stimuleert. Deze investeringen zouden niet rendabel zijn onder de oorspronkelijke rente die de vrije markt zou aanbieden. Hierdoor ontstaan er misinvesteringen in de economie die na verloop van tijd mislopen, o.a. wanneer de centrale bank de rente verhoogt door de dreiging van hogere inflatie.

De conjunctuurcyclus
Stel je eens voor dat er in een dorpje een klein eetcafé aanwezig is. Op een gegeven moment valt het de café-eigenaar op dat zijn eetcafé altijd vol zit. De keuken kan de bestellingen amper aan en er zijn te weinig stoelen aanwezig.
De café-eigenaar besluit vervolgens om extra personeel aan te nemen, te investeren in nieuw keukenapparaat en zijn eetcafé uit te bouwen. Na al deze investeringen merkt hij dat al zijn klanten zijn vertrokken. Wat hij namelijk niet wist was dat zijn klanten tevens medewerkers waren van een rondtrekkend circus dat een korte periode in het dorp verbleef.

Het rondtrekkende circus is de kunstmatig verlaagde interestvoet dat verkeerde marktsignalen afgeeft. Een concreet voorbeeld hiervan kunnen we vinden op de Amerikaanse huizenmarkt. De president van de Amerikaanse centrale bank, Alan Greenspan verlaagde tussen 2001 en 2005 de rente en pompte daarmee geld in de Amerikaanse economie. Veel van dit geld kwam terecht op de huizenmarkt, wat resulteerde in een enorme stijging van huizenprijzen. Dit fenomeen werd versterkt door andere overheidsinterventies in de markt. Wetgeving zoals de ‘Community Reinvestment Act’ dwong financiële instellingen hypotheken te verstrekken aan arme Amerikanen en minderheden. Daarnaast verzekerden door de overheid gesponsorde instellingen zoals Fannie Mae en Freddie Mac hypotheken die banken en financiële instellingen aan elk mogelijk persoon aanboden. Het gevolg was een grote stijging in huizenprijzen dat zonder overheidsinterventie nooit was gebeurd. Toen de centrale bank noodgedwongen de rente verhoogde stegen de variabele lasten op hypotheken waardoor mensen dit niet meer konden aflossen. Hierdoor moesten veel mensen hun huis verkopen en stortte de huizenmarkt in.

Toch is het niet altijd even duidelijk waar de misinvesteringen plaats vinden. Dit komt omdat geld vanuit de centrale bank vaak via de bankensector de economie bereikt. De banken lenen dit nieuwe geld vervolgens uit aan tal van investeerders zodat het niet altijd even duidelijk is waar de zeepbellen in de economie plaats vinden.

Welvaartsherverdeling
Een ander belangrijk gegeven is dat het nieuwe geld dat door de centrale bank gecreëerd wordt niet iedereen in de economie spontaan en gelijkmatig bereikt. Dit geld verspreid zich geleidelijk door de economie waarbij het de prijzen opdrijft. Dat deze systematiek winnaars en verliezers maakt is zonder twijfel vast te stellen. De grootste winnaars zijn wellicht de bankensector en overheden, die kunnen geld lenen tegen historisch lage rentes en kunnen dit uitgeven zonder dat prijzen zijn aangepast aan de nieuwe geldhoeveelheid. Mensen die dit geld als laatst ontvangen, voornamelijk hen met lagere en vaste inkomens hebben gedurende dit proces hogere prijzen moeten betalen zonder dat ze konden profiteren van de extra koopkracht die banken en overheden wel genoten. Er is dus een welvaartsherverdeling waar te nemen die liberalen ten strengste moeten afkeuren.

Beleidsmakers zijn erop gefixeerd om economische groei te stimuleren door een lage rente maar vergeten daarbij dat dit proces ook verliezers maakt. Hoe groter de injectie van geld door de centrale bank, hoe groter het herverdelende effect. Het is dan ook een misvatting om te denken dat iedereen baat heeft bij geldcreatie door de centrale bank.

De aankomende recessie
De bovenstaande systematiek geeft ook aan waarom kunstmatig gecreëerde groei onhoudbaar is op de lange termijn. De winnaars bij geldcreatie kunnen namelijk schaarse middelen opbieden die anders gebruikt werden bij de productie van consumptiegoederen.
Aangezien middelen schaarser zijn voor de productie van consumptiegoederen zal de prijs hiervan stijgen. Desondanks kunnen we aannemen dat mensen nog steeds dezelfde hoeveelheid goederen willen consumeren, ook omdat het steeds minder aantrekkelijk is om te sparen gezien de lage rentestand. Hierdoor ontstaat er een getouwtrek om schaarse middelen tussen consumptie aan de ene kant en investeringen aan de andere kant. Om investeringsprojecten in het voordeel te zetten zal de centrale bank investeringsprojecten van meer geldinjecties moeten voorzien en de interestvoet nog lager zetten. Hierdoor zal de inflatie echter oplopen waardoor mensen nog minder de prikkel hebben om te sparen. Uiteindelijk zal de centrale bank de rente moeten verhogen, door de dreiging van hoge inflatie, waardoor veel investeringsprojecten failliet gaan. Het circus is weer vertrokken.

Wat de theorie van Mises in dit opzicht uniek maakt is dat het een recessie niet ziet als een gebeurtenis op zichzelf. De recessie is ontstaan doordat centrale banken de rente kunstmatig laag hebben gehouden waardoor er misinvesteringen plaats vonden. In de recessie ligt dan ook de oplossing voor de huidige problematiek omdat deze de misinvesteringen liquideert.
De inzichten van Mises staan dan ook in scherp contrast met het huidige beleid. Dit beleid is erop gefixeerd om meer goedkoop geld in de economie te pompen. Het enige wat we hiermee bereiken is dat we de onvermijdelijke recessie uitstellen naar de toekomst, waar die nog veel harder gaat aankomen.

Conclusie
Het kunstmatig verlagen van de rente veroorzaakt economische zeepbellen die onvermijdelijk zullen klappen. Hoe meer goedkoop geld we in de economie injecteren, via het rentebeleid van de centrale bank, hoe groter deze problemen worden in de toekomst. Om de economie weer op het rechte pad te brengen zullen we het herstellende effect van de recessie moeten accepteren in plaats dat we elke crisis doorschuiven naar de toekomst.

Er is wijsheid in Google

zaterdag, februari 25th, 2012

‘De reële kosten van de zeven publieke diensten die in deze publicatie worden besproken, stegen in de periode 1995 tot en met 2008 gemiddeld met 3,6% per jaar. De reële kosten van de productie van goederen en diensten in de marktsector liepen in deze zelfde periode op met 2,7% per jaar. De door de marktsector geproduceerde hoeveelheid goederen en diensten nam sneller toe dan de reële kosten, te weten met 3,1% per jaar. Hun kostprijs is in verhouding tot die van de totale binnenlandse productie jaarlijks dus met 3,1% – 2,7% = 0,4% gedaald. De relatieve kostprijs van publieke diensten liep daarentegen met gemiddeld 1,8% per jaar op, want tegenover 1,8% meer productie stond een jaarlijkse stijging van de reële kosten met 3,6%.’

P. 187, Waar voor ons belastinggeld, SCP.

4 redenen waarom Keynesiaans beleid niet werkt

maandag, november 21st, 2011

Professor Allan Meltzer van de Carnegie Mellon University heeft een interessant artikel geschreven waarom Keynesiaans beleid de crisis juist erger heeft gemaakt. Hij begint zijn betoog door terug te kijken naar alle economen die verhoogde overheidsuitgaven bezongen als remedie voor de crisis. Het resultaat? De economie ligt nog steeds op zijn gat met officiële werkloosheid van rond de 9%.

De vraag die hij vervolgens stelt is waarom de reactie van mensen zo anders is op verhoogde overheidsuitgaven dan voorspeld in Keynesiaanse modellen.

Hiervoor noemt hij 4 redenen.

”Allereerst zullen verhoogde overheidsuitgaven onvermijdelijk leiden tot hogere belastingen in de toekomst, dit creëert onzekerheid. Weinig individuen zullen met zulke vooruitzichten investeren in de toekomst.”

Een tweede reden is dat overheidsuitgaven leiden tot een misallocatie van schaarse middelen.

”Veel overheidsuitgaven distribueren inkomen van werkende mensen naar mensen die werkloos zijn. Keynesianen betogen vervolgens dat dit de welvaart verhoogd aangezien werkloze mensen dit geld zullen consumeren. Wat het Keynesiaanse model vervolgens negeert is dat zulk beleid de productie vermindert.”

Ook overheidsregulering is schadelijk voor het economisch herstel.

”Wat Keynesiaanse modellen volledig negeren zijn de negatieve effecten van regulering. Wie kan voorspellen hoe groot de kosten zullen zijn van nieuwe regulering? Obamacare is niet de enige bron van onzekerheid, al is het wel een grote factor die hierin bijdraagt.”

Vervolgens richt professor Meltzer zich op het kortetermijndenken van veel economen.

”Veel stimuleringsbeleid is erop gericht om directe resultaten te boeken. De veronderstelde kosten van de baancreatie zijn geschat op $200.000,- per baan, gebaseerd op de totale kosten en de hoeveelheid banen dat zulk beleid zou opleveren. Hoe kan dit het vertrouwen herstellen? Zodra de subsidies en geldinjecties verdwijnen zullen deze banen ook verdwijnen. Veel economen hebben dan ook totaal geen oog voor de lange termijn”

Kleine puntje: overheidsuitgaven vernietigen banen in de private sector aangezien de overheid hier haar uitgaven mee financiert. De overheid heeft dan ook geen geld van zichzelf. De enige manier waarop ze geld kan uitgeven is door dit eerst te stelen, bij te printen of te lenen. Zie daarom ook: waarom de overheid geen banen kan scheppen.

Bron: Wall Street Journal

Heinz, onderwijs en overheidsbemoeienis

maandag, oktober 17th, 2011

Henry John Heinz (1844-1909) kreeg een aantal belangrijke levenslessen mee van zijn ouders. Zo leerde hij dat sparen een deugd was en dat plannetjes om snel rijk te worden vaak gedoemd zijn om te mislukken. Een van zijn belangrijkste idealen was om zijn klanten en leveranciers altijd een eerlijke behandeling te geven zodat er een duurzame win-win relatie ontstond.

Toch was Heinz aanvankelijk niet zo’n succesvol ondernemer. In 1875 ging zijn handeltje in mierikswortel failliet en raakte Heinz in een depressie. Pas na aandringen van zijn broer en neef maakte hij een nieuwe start met F. & J. Heinz, een bedrijf dat uiteindelijk een jaarlijkse omzet van meer dan 10 miljard dollar zou maken en werk biedt aan zo’n 33.000 werknemers.

Waarom al die informatie? Stel je voor dat een politicus constateerde dat ondernemers die failliet gaan schaarse middelen verspillen. Veronderstel nu dat deze politicus een wetsvoorstel maakte waardoor ondernemers die failliet het onmogelijk wordt gemaakt om ooit weer een ondernemer te starten.

Dit zou natuurlijk een belachelijk voorstel zijn wat alleen hoon verdient. Als zo’n wet in 1875 bestond dan zouden we vandaag de dag nooit gehoord hebben van Heinz en de heerlijke producten die ze maken. Toch heeft Ton Elias (VVD) voorgesteld dat schoolbesturen geen nieuwe school mogen stichten als de bestuurders eerder bij een onderwijsinstelling betrokken waren die wegens gebrek aan kwaliteit is omgevallen. “Ik blijf van mening dat de vrijheid van onderwijs in onze Grondwet, die de VVD overigens volstrekt respecteert, niet gebruikt mag worden als vrijbrief voor slechte scholen” aldus Ton Elias.

Aanleiding hiervoor is de voorgenomen stichting van een Islamitische school in Amsterdam door goeddeels dezelfde bestuurders die eerder betrokken waren bij het Islamitisch College Amsterdam (ICA). Dit ICA moest de deuren begin dit jaar sluiten, omdat de minister van Onderwijs de financiering introk wegens gebrek aan leerlingen als gevolg van slechte kwaliteit.

Als reactie op het sluiten van het ICA heeft de Amsterdamse wethouder van jeugd en onderwijs Lodewijk Asscher (PvdA) in februari 97 brieven ontvangen van islamitische ouders die hun kinderen thuisonderwijs wilden geven. Vandaar dat het schoolbestuur een heroprichting overwoog om tegemoet te komen aan de levensbeschouwelijke eisen van de ouders.

In een poging om de vrijheid van onderwijs verder af te kalven heeft dezelfde Lodewijk Asscher een opinie artikel geschreven voor de Volkskrant waarin hij schrijft dat scholen, voordat ze hun deuren openen, getest moeten worden op onderwijskwaliteit. In weinig originele bewoordingen stelt Asscher ”Onderwijsvrijheid is een groot goed, maar dat schept niet de vrijheid slechte scholen te beginnen. Daarom pleiten wij voor een kwaliteitstoets bij de stichting van een nieuwe school.”

Waar Ton Elias het wilde laten bij het brandmerken van schoolbestuurders gaat Asscher een stuk verder in de afkalving van de vrijheid van onderwijs. Hoe wil Asscher de kwaliteit van het onderwijs meten van een school die nog niet eens bestaat? Het antwoord hierop is dat dit niet kan. Je kunt wellicht wel een bepaalde kwaliteit verwachten maar dit blijft natte vinger werk. En sinds wanneer is hevige overheidsinterventie een garantie voor kwaliteit?

Het wetenschappelijk bureau van het CDA (het CDA-WI) heeft hier al eens eerder een rapport over geschreven waarin ze stelden dat …

De toename aan kwaliteitsvoorwaarden heeft geleid tot bureaucratisering. Deze bureaucratisering lijkt samen te hangen met de opkomst van het ‘doelmiddel-denken’ en het sturen via planning en controle, ontwikkelingen die we hiervoor rond verstatelijking al aanstipten. In deze benadering moeten vooraf allerlei doelstellingen geformuleerd worden – het liefst meetbaar – waar het onderwijs dan achteraf op afgerekend wordt. Dat leidt tot een sterke ‘verschriftelijking’, die veel tijd en rompslomp kost. Deze rompslomp is een van de belangrijkste klachten uit het
onderwijs.

Al deze overheidsinterventie zorgt er ook voor dat er een toenemende mate van afhankelijkheid waarneembaar is.

(…) het lijkt alsof onderwijsinstellingen eraan gewend zijn geraakt dat ze van buiten worden aangestuurd en dat de overheid een oplossing moet bieden voor de problemen die zij ondervinden.

En dit heeft weer vervolgens effect op de kwaliteit van het onderwijs.

Een volgend punt is de vraag op wie scholen en schoolbesturen zich nu voornamelijk richten. Scholen en hun besturen moeten inmiddels aan veel verschillende instanties verantwoording afleggen op steeds verschillende wijze. Dat houdt niet alleen veel rompslomp in, maar gaat mogelijk ook ten koste van het afleggen van
verantwoording aan degenen die rechtstreeks bij de school betrokken zijn (zoals ouders en leerlingen).

Dus hoewel het niet zeker is of het voormalig schoolbestuur van het ICA bij een tweede kans kwalitatief onderwijs zal geven is er wel één belangrijke mythe ontkracht. Dit de mythe dat overheidsregulering synoniem staat voor gegarandeerde kwaliteit. Veel potentieel succesvolle onderwijsvernieuwing gaat verloren omdat scholen aangestuurd worden door bureaucraten die zelf nooit les hebben gegeven.

Een vrije onderwijsmarkt zal helaas ook niet perfect zijn in de zin dat elke school zou voldoen aan onze individuele standaard van goed onderwijs. Zo zullen sommige gezinnen een levenschouwelijke school verkiezen ook al is de kwaliteit minder dan bij andere scholen. Ook zullen er ouders zijn die veel meer de nadruk leggen op de persoonlijke ontwikkeling van hun kind door hun nieuwsgierigheid vrij te laten zoals Montessori/Sudbury scholen doen. Dit moeten we dan ook accepteren net zoals we bij de vrijheid van meningsuiting ook meningen moeten tolereren waar we het niet mee eens zijn.

Regulering vs ondernemerschap

maandag, september 19th, 2011

De ontregelde samenleving

vrijdag, september 2nd, 2011

Het Wetenschappelijk Instituut van het CDA (CDA-WI) heeft een nieuw rapport gepubliceerd getiteld ‘De ontregelde samenleving’. Hierin pleiten de onderzoekers voor een verkleining van de bureaucratie. Daarbij geven ze concrete aanbevelingen om de bureaucratie daadwerkelijk te verminderen.

Er zijn drie belangrijke oorzaken van overmatige bureaucratie. In de eerste plaats is de illusie aanwezig dat de maatschappij maakbaar is. Het geloof dat de overheid de samenleving kan verbeteren en dat gevaren kunnen worden uitgebannen, leidt tot enorm veel regels en controle. In de tweede plaats leidt wantrouwen tot regels. De lage acceptatie van fouten en het zware accent op controle veroorzaakt regelzucht. In de derde plaats is er een onbedwingbare neiging in organisaties tot bureaucratisering.

Het gevolg is dat de overheids steeds meer taken op zich neemt.

Zo zijn de leefstijl van mensen en de sociale cohesie in buurten en wijken aandachtsgebieden van de overheid geworden.

Hierdoor ontstaat er een self-fulfilling prophecy. De overheid neemt de taak op zich om de sociale cohesie te bewaren terwijl mensen dit vroeger zelf deden. Door die boodschap er in te hameren ontstaat de verwachting dat de overheid elk sociaal probleem in een wijk moet oplossen. ‘Gezamenlijke verantwoordelijkheid wordt minder gezien als iets van burgers onderling.‘ Wat weer als rechtvaardiging wordt gebruikt voor meer overheidsinterventie.

Ook voor het bedrijfsleven heeft de bureaucratie gevolgen.

De overmatige aandacht voor het voorkomen van fouten en de overreactie op incidenten leidt tot heel veel regelgeving en procedures. Dit remt vernieuwing en leidt tot lagere productiviteit omdat veel tijd verloren gaat aan registreren, informeren en controleren; tijd die niet aan het echte werk besteed kan worden.

De oplossing?

In de eerste plaats zal meer ruimte voor de samenleving moeten komen. De samenleving is veel vitaler dan we denken. Er gebeurt heel veel wat buiten beeld blijft. Tal van maatschappelijke initiatieven zoeken oplossingen voor maatschappelijke dilemma’s. Burgers en organisaties willen ook heel veel zelf doen en moet hiervoor de ruimte krijgen.

(…)

In de tweede plaats moet de overheid vooral doen waar ze goed in is, in de wetenschap dat ze in een steeds complexere maatschappij in steeds minder dingen goed is.

Géweldig.

In de derde plaats zal de overheid de complexiteit van de maatschappij niet verder moeten vergroten door eigen regels, omdat de nadelige effecten van ingrijpen al snel groter zijn dan de voordelen.

Dit was nog slechts de samenvatting, het rapport telt 122 pagina’s. Iemand die interesse heeft kan op BinnenlandsBestuur.nl een artikel over het rapport vinden. Ik heb zelf even wat mooie quote’s eruit gehaald. Vooral de erkenning dat de samenleving te complex is om maakbaar te zijn is gedurfd in een tijd waarin de overheid elk aspect in de samenleving wil reguleren. Zie ook de concrete aanbevelingen om de bureaucratie te verminderen.

Ook het lezen waard: Op zoek naar de kracht van de samenleving. (Een volledig vrije onderwijsmarkt)

4 juli: Afhankelijkheidsdag

maandag, juli 4th, 2011

In een land waar zelfs cartoonisten afhankelijk zijn van subsidie is het slechts wachten totdat cartoons politiek correct worden. Ohjah, voorbeeld.

Gelukkig doet Hein de Kort in ieder geval niet mee. Klik op de link voor een leuke Nederlandstalige cartoon dat democratie op de hak neemt.

Fokke & Sukke, maar ook Dirkjan en de vrijgezelle personages in de strip S1ngle worden naar eigen zeggen getroffen door de bezuinigingen van het kabinet. In de maandagkranten voeren ze eensgezind actie. Ze zien ze er als harkpoppetjes uit.

In de tekstballonnetjes van de strips in onder meer De Gelderlander en het AD staat de eensluidende tekst: ,,Verdorie, die bezuinigingen op de kunst treffen ook onze strip.”

Bron: De Gelderlander

Corporatistisch Nederland

zaterdag, juni 18th, 2011

Het midden- en kleinbedrijf (MKB) kan vanaf volgend jaar geld lenen voor het starten van vernieuwende projecten. In totaal stort Minister Verhagen zo’n 500 miljoen euro in een fonds speciaal voor dit doel. Het is de bedoeling dat de ondernemers het geld terugbetalen als hun bedrijf een succes is geworden.

Op het eerste gezicht lijkt dit een goed plan van Verhagen. Stel dat er een ondernemer is met een geweldig idee waarmee hij zeker weet dat hij winst kan maken. Waarom voorzien we deze ondernemer niet met een lening zodat hij een productief onderdeel kan worden van onze samenleving?

Een bezwaar hierop is dat het verstrekken van leningen naar productieve investeringen iedere dag gebeurt door private investeerders/banken. Als iemand bijv. een goed uitgewerkt idee heeft om een transportonderneming te starten dan kan hij een lening aanvragen om bijv. een vrachtwagen aan te schaffen.
Toch is er een wereld van verschil tussen de lening die de private investeerder verschaft en de leningen die Verhagen gaat uitdelen. Private investeerders lopen het risico om hun eigen geld te verliezen wanneer een project onrendabel blijkt te zijn. Daarom zullen ze goed kijken naar de mogelijkheden op winst, het potentiële risico en de eigen inleg/ervaring van de ondernemer.

Als Verhagen het verstrekken van leningen precies hetzelfde aanpakte als private investeerders dan zou er geen enkel argument zijn voor overheidsleningen voor het MKB. Waarom zou Verhagen hetzelfde doen wat private investeerders nu al doen? Het antwoord hierop is dat Verhagen natuurlijk een andere standaard neemt. Sommige projecten lopen iets meer risico en soms is het helemaal niet duidelijk of er daadwerkelijk winst geboekt kan worden na een paar jaar. Verhagen gaat dus leningen verstrekken aan ondernemers die waarschijnlijk geen lening konden krijgen van een private investeerder. Met andere woorden: Verhagen gaat risico’s nemen met andermans geld, risico’s die private investeerders nooit zouden willen nemen met hun eigen geld.

Goed, laten we allemaal toegeven dat het percentage verliezen op leningen groter zal zijn bij Verhagen dan bij private investeerders. Toch zal het potje van 500 miljoen euro groeien omdat de meeste ondernemers hun schuld zullen terugbetalen met rente. Daarnaast zal de toenemende productiviteit ten goede komen voor de gehele samenleving.

Ook dit lijkt een geloofwaardig argument. Toch kunnen we ook hier een bedenking plaatsen. Men kijkt alleen naar wat men direct ziet, het potje van Verhagen en de leningen die deze versterkt, en niet naar wat men niet ziet, de mensen die het nu moeten doen met minder middelen.
Dit komt omdat die 500 miljoen euro in het potje ‘van’ Verhagen niet staat voor slechts 500 miljoen euro. Nee, deze 500 miljoen euro staat voor de middelen die men kan kopen voor dit geld. Geld is eigenlijk niets anders dan een algemeen aanvaard indirect ruilmiddel.
Wat Verhagen dus werkelijk uitleent is niet alleen geld maar kapitaal. Nu is kapitaal schaars dus komt het erop neer of ondernemer A of ondernemer B de vrachtwagen kan krijgen uit mijn voorbeeld.
Stel we hebben twee ondernemers. Ondernemer A is een ondernemer met een goed plan om winst te maken na 1 jaar, bovendien heeft hij een hoge eigen inleg. Ondernemer B daarentegen heeft een lage eigen inleg, hij heeft geen enkele ervaring met ondernemen en ook zijn ondernemingsplan vertoont grote tekortkomingen. Toch is het juist ondernemer B dat uiteindelijk de lening krijgt van Verhagen.

Op een grotere schaal zorgen de leningen ervoor dat ze de prijzen van kapitaalgoederen opdrijven waardoor ondernemer A geen lening zal krijgen van private investeerders. Hierdoor komt kapitaal terecht bij de mensen die minder productief zijn. Daarnaast zullen meer ondernemers niet in staat zijn om hun schuld terug te betalen. Zo worden nog meer kapitaalgoederen inefficiënt ingezet. Het netto resultaat is dat de samenleving een stuk armer is geworden in het opzicht dat kapitaalgoederen veel efficiënter ingezet hadden kunnen worden.

Daarnaast is er bij het gebruik van overheidsleningen duidelijk een verliezer aan te duiden en dat is de belastingbetaler. Wanneer iemand zijn geld op een bankrekening zet dan zal de bank dit geld gebruiken om te investeren in bedrijven. Wanneer alles goed gaat zullen de bedrijven winst maken waardoor ze hun schuld met rente kunnen terugbetalen. Hierdoor krijgt ook de spaarder rente over het geld dat hij op zijn lopende rekening heeft. Kortom, iedereen profiteert.
Bij overheidsleningen is het zeer twijfelachtig of de belastingbetaler beter af zal zijn dan wanneer hij zijn geld op een bank had gezet.

Vaste boekenprijzen

maandag, mei 23rd, 2011

Ik snap werkelijk waar niet waarom er een wet bestaat voor vaste boekenprijzen. De wet op vaste boekenprijzen regelt dat elke uitgever bepaalt wat de vaste prijs moet zijn voor elk Nederlands/Friestalig boek dat hij verkoopt.

Het effect van deze wet is dat elk boek haar eigen monopolie krijgt waardoor boeken die goed lopen weinig concurrentie ondervinden van boekenwinkels die hetzelfde boek verkopen. In principe zouden uitgevers dit ook in een vrije markt, met intellectueel eigendom, kunnen doen. Een uitgever zou ervoor kunnen kiezen om een boek alleen te leveren wanneer deze voor een vaste prijs wordt verkocht. Elke contractbreuk kan resulteren in een schadevergoeding naar de uitgever.

Een speciale wet voor vaste boekenprijzen is dus compleet onnodig omdat uitgevers vaste prijzen contractueel kunnen vastleggen. Daarom is het ironisch hoe de wet op vaste boekenprijzen in de praktijk werkt. Zo verkocht Wehkamp het boek ‘Gerechtigheid’ van Stieg Larsson voor een lagere prijs dan dat de uitgever had vastgesteld. Vervolgens trad het Commissariaat voor de Media kordaat op door Wehkamp een boete van €3000,- te geven. Het maffe is echter dat de uitgever zelf wilde dat de prijs werd verlaagd!

Het Commissariaat vond dat Wehkamp als verkoper de vaste prijs had moeten toepassen (…). Het was de eigen verantwoordelijkheid van Wehkamp als verkoper om de juiste verkoopprijs toe te passen, ook al kreeg Wehkamp een verzoek om de prijs te verlagen van de groothandel die de boeken leverde.

Bron: Commissariaat voor de Media